De beste plek voor je bijenkast

Wat is de beste plek voor je bijenkast? Je hebt besloten dat je bijen wilt gaan houden. Het gaat slecht met de bijenpopulatie en je wilt je bijdrage leveren door goed voor bijen te zorgen. Het houden van bijen vergt de nodig kennis. Je moet precies weten wat je bijen nodig hebben om te zorgen dat het goed met ze gaat.

Daarnaast zul je moeten investeren in een bijenkast en alle materialen die je nodig hebt om je bijenvolk te verzorgen. Met een goede basiscursus bijenhouden ben je klaar om je eerste bijenvolk te gaan verzorgen. Maar waar zet je de bijenkast neer?

Je eigen tuin lijkt je een leuke plek, maar kan dat wel? Je wilt de buren natuurlijk geen overlast bezorgen.

Belangrijke eisen aan de plek voor je bijenkast

Er zijn twee belangrijke eisen waaraan de plek voor je bijenkast moet voldoen. De eerste is voedsel. Bijen vliegen niet heel ver, zorg er daarom voor dat in de directe omgeving voldoende voedsel te vinden is voor je bijenvolk. Je bijen hebben voldoende nectar en stuifmeel nodig in de periode maart tot november. Met goed weer vliegen ze binnen een straal van 3 kilometer. Bij slecht weer zullen ze echter niet zo ver gaan. Als er voldoende voedsel beschikbaar is kan je misschien zelfs aan het eind van het seizoen je eigen honing oogsten.

Woon je in een landelijke omgeving dan voldoet deze plek al snel. Maar ook in een voor- of achtertuin in een woonwijk kan je heel goed een bijenkast plaatsen. En dan komen we meteen bij de tweede eis. Bijen zijn vredelievende diertjes die niet snel overlast zullen veroorzaken.
Maar woon je in een drukke woonwijk dan zul je er wel rekening mee moeten houden dat je bijen geen overlast bezorgen aan je buren of toevallige voorbijgangers.

Heb je een flinke tuin, kies dan een hoekje dat afgeschermd is door een haag. Hierdoor vliegen je bijen eerst omhoog en zullen minder overlast veroorzaken. Pas het aantal bijenvolken altijd aan, aan de omgeving en het beschikbare voedsel.

Waar zet je de bijenkast neer?

Bijenhouden doe je niet alleen op het platteland. Het kan net zo goed in de stad, in je achtertuin of zelfs op je dak. Er zijn genoeg daken in steden waar bijenkasten te vinden zijn. Je zet je bijenkast het beste op een rustige plek, waar weinig mensen langs komen.

Zorg dat er minstens 20 meter afstand is van woningen, buren en de openbare weg. Zorg dat er voldoende ruimte rondom de bijenkast is voor de aanvliegroute. Zo’n 2 tot 3 meter is prima. Plaats je bijenkast op een verhoging, waardoor hij niet op nat gras staat. Plaats de bijenkast zo dat de opening richting zuidoost staat.

Bijen houden van warmte. Een goed geïsoleerde kast vinden ze dan ook fijn. Zeker in de winter. Maar je hoeft niet altijd een plek in de volle zon te zoeken. Wat schaduw op het heetst van de dag is ideaal.

Een bijenkast plaatsen in een kleine tuin?

Heb je een kleine achtertuin dan is dat niet de meest geschikte plek voor een bijenkast. Bijen hebben een vrije uitvliegruimte nodig van zo’n 3 meter. Zorg dat er op gepaste afstand een haag staat, zodat je bijen omhoog vliegen.

In een kleine tuin, met buren zullen de bijen al snel voor overlast zorgen, dat wil je niet. Wil je toch graag een eigen bijenkast? Ga op zoek naar een landelijk gelegen volkstuin of een plakje bij een boer waar je een bijenkast neer mag zetten of informeer eens bij een imkervereniging in de buurt. Vaak hebben zij ook een plek waar je bijenkasten mag plaatsen.

Maak de omgeving geschikt voor de bijenkast

Waar je de bijenkast ook neerzet, er moet voldoende voedsel zijn. Zo zorg je niet alleen voor je eigen honingbijen, maar ook voor de wilde bijen die in je tuin rondvliegen. Hommels vliegen bijvoorbeeld al heel vroeg uit. Je kunt ze vanaf februari al zien. Er zijn dan nog maar weinig bloemen te vinden. Je biedt deze beestjes voedsel door bollen te planten die vroeg in het jaar al bloeien, zoals krokussen.

Vul de rest van je tuin met bloeiende planten. Bijen kunnen tot 3 kilometer vliegen, op zoek naar voedsel. Maar zorg er ook voor dat in de directe omgeving genoeg te vinden is voor op de minder mooie dagen, dan vliegen ze minder ver.

Bramen, wilgen en lindes geven veel nectar. Er zijn ook planten die je als haag kunt poten. Een haag neemt weinig plek in, maar biedt je bijen wel veel voedsel. Gebruik hiervoor bijvoorbeeld de meidoorn en sleedoorn.
Heb je genoeg plek, maak dan een veld met wilde bloemen en fruitbomen.

Een tuin met onweerstaanbare bloemen voor bijen is een paradijs voor je bijenvolk.

Een bijenkast in de tuin, maar niet de kennis?

Wil je heel graag een bijenkast in je tuin, maar heb je niet de kennis om een bijenvolk goed te verzorgen? Dan is de online basiscursus een goede start. Je krijgt dan hulp van professioneel imker Jeroen Vorstman.

Alles leren over bijen en bijenhouden

Als je een bijenkast in de tuin hebt, is het natuurlijk geweldig om er veel van te weten. Op internet vind je veel informatie en adviezen. Maar wat werkt er nu echt in de praktijk? Met een online basiscursus bijenhouden leer je alles wat je weten moet over deze fascinerende beestjes.

Want je hebt geen enorme tuin nodig, of een boomgaard vol fruitbomen. Bijenhouden kan op een leuke en makkelijke manier. Met de online basiscursus bijenhouden voorkom je dat je dezelfde fouten maakt als de meeste imkers.
Met de online basiscursus bijenhouden van Jeroen Vorstman ga je meteen goed van start met je bijenvolk.

Geen saaie theorie, maar direct toepasbare tips vanuit de praktijk. Ondersteund door duidelijke praktijkvideo’s en je online mentor, is deze basiscursus alles wat je nodig hebt om met plezier bijen te houden.

Krijg vandaag nog toegang tot de online basiscursus bijenhouden.

Al gelezen?

Heb je deze artikelen al gelezen?